Romeinen 3 : 21 – 30

Gemeente,

‘Waar blijft het roemen dan? Het is uitgesloten. Door welke wet? Der werken? Neen, maar door de wet van geloof.’

Roemen is een woord dat we niet vaak meer gebruiken in het Nederlands… Soms spreken we van iemand die ‘be-roemd’ is, en ergens steekt de oorspronkelijk betekenis daar wel nog in… namelijk iemand ‘eren, loven, prijzen’….

Het betreft helaas ook iets dat we dagelijks toepassen in ons eigen leven, en in die zin gebruikt Paulus het ook in zijn brief. We eren, loven, prijzen namelijk voortdurend onszelf! (vaak is dat onbewust) Een ander woordje dat we kunnen gebruiken voor ‘roemen’ is dan ook trots… menen dat we iets aan ons zelf te danken hebben… Menen dat we goed genoeg zijn voor iets… Menen dat we dus ook beter zijn dan de ander… Trots op eigen prestatie = roemen.

Het is… de meest voorkomende zonde. Ik vrees dat we er allemaal onder lijden (zonder uitzondering)… Andere zonden zijn meer typisch voor elk persoon : de één heeft meer last van lust bijvoorbeeld, de ander van opvliegendheid enz… iedereen heeft wel wat.
Maar trots is het bepalende kenmerk van de mens. Daarom is het ook de eerste zonde. Dat zien we bij Adam en Eva : laten we eten van die verboden vrucht zodat we als God Zelf kunnen zijn (God in ‘t diepst van onze gedachten)… dan hebben we Hem niet meer nodig… we zijn toch goed genoeg uit onszelf… Onze prestatie zonder God is goed genoeg… De trots van Adam was de zondeval van de mens.

Voortdurend komt die hoofdzonde terug in het verhaal van mensen… voortdurend lezen we erover in de bijbel :
‘Trots gaat vooraf aan het verderf, en hoogmoed komt voor de val’ (Spreuken 16:18).
‘De vreze des Heren is het kwade te haten… hoogmoed en trots… ‘ (Spreuken 8:13).
‘Het huis der hoogmoedigen (zij die trots zijn) breekt de Here af…’ (Spreuken 15:25)… enz…
De bijbel staat er zo vol van…. van die trots van de mens…

En het is daarom dat God beslist heeft om de enige weg van redding (de weg van het kruis) voor de mens zo te maken dat de mens geen enkele reden zal hebben om trots te zijn op zichzelf. Het enige fundament waardoor de mens gered wordt is er één die de (vermeende) kracht van de mens in stukken breekt, en de trots van de mens vernedert in het stof… En daarom :
‘Waar blijft het roemen dan? (Op wat zou je trots kunnen zijn) Het is uitgesloten. Door welke wet? Der werken? Neen, maar door de wet van geloof.’

In theorie bestaan er namelijk twee mogelijkheden, twee methodes waardoor de mens gered had kunnen worden. De eerste mogelijkheid was die van de ‘werken’ : ‘Doe dat en gij zult leven’ (Lucas 10:28). Gehoorzaam zijn aan de volledige Wet en de beloning ontvangen, het eeuwige leven.
De tweede mogelijkheid is die van ‘genade’ : de vrije gave en zegen van God voor de mens… de gave die de mens niet verdient, en niet kan verdienen! Te staan als schuldige zondaar voor God en toch… al het goede mogen ontvangen van Hem die ons lief heeft. Het enige wat je kan doen is dit ‘geloven’, dat is : erop vertrouwen (want dat is wat met ‘geloof’ bedoeld wordt).

Dit zijn de enige twee mogelijkheden… en de ene methode sluit de andere uit. Het is of het één of het ander. Of we kunnen het op een of andere manier verdienen (door wat ik doe of niet doe), of we krijgen het gratis in genade, zelfs als we het helemaal niet verdienen.

Laten we nu even stilstaan bij die eerste mogelijke methode : namelijk die van ‘werken’, en ons ervan overtuigen hoe onmogelijk deze methode voor de mens wel is. Onmogelijk en toch datgene waar elke mens automatisch van uitgaat : we denken dat we de hemel op één of andere manier verdienen (via de daden die we stellen, of omdat we het juiste geloof hebben, of de juiste emoties koesteren…)… We zijn, met andere woorden, beter in die dingen dan de naaste… denken we.

Niemand kan gered worden door de methode van ‘werken’, want die gedachte alleen al (‘dat we beter zijn dan een ander en dus daarom gered gaan worden en een ander niet’) is zonde, namelijk hoogmoed. Broeders en zusters, vergeet niet dat de Wet (van werken) perfectie vraagt. Eén enkele misstap tijdens je ganse leven zou genoeg zijn om je een schuldenaar te maken ten opzichte van de Wet, en de enige beloning die je dan krijgt is de dood.
Ergens in onze gedachten klinkt dat onrechtvaardig en overdreven… ja, vanuit menselijk oogpunt bekeken is zoiets onrechtvaardig. Wij denken dat je wel geslaagd bent als je de helft plus één scoort op de test van het leven (en de buurman scoort natuurlijk minder dan de helft).

Zo werkt de Wet niet! Het is alles of niets. Herinner u, God is een Perfecte God, Heilig en Rechtvaardig. Eén kleine afwijking is voldoende om je Onrechtvaardig te maken. Of je nu 99% scoort of 49% maakt niet uit. Of je houdt de Wet volledig!… of helemaal niet. En daarom falen alle mensen! Niemand kan de Wet in zijn volledigheid houden. Ja, we slagen er nog niet eens in om één dag rechtvaardig te leven naar de Wet (zelfs als christen!).

‘Gij zult de HERE, uw God, liefhebben met geheel uw hart, en met geheel uw ziel en met geheel uw kracht…’ (Deut. 6:5)… Is er hier één iemand aanwezig die dit gebod nog nooit overtreden heeft?… Ja, één blik in de spiegel en dit gebod moet eraan geloven… Want wij zijn mens!

Jezus vat het samen in Lucas 16:17 : ‘Gemakkelijker zouden hemel en aarde vergaan, dan dat er van de wet één tittel zou vallen’ (het kleinste lettertje of leestekentje zal nooit komen te vervallen).

De Wet is dan ook het doen van alles wat erin staat, tot in de perfectie Ik wens u veel succes… maar mij lukt het niet… is het nog nooit gelukt… en zal het ook nooit lukken (zelfs al ben ik nu ‘christen’). Met andere woorden : omdat het mij niet lukt om de wet volledig te doen ben ik onrechtvaardig voor God (de kwantiteit doet er niet toe) en de hel is dus mijn natuurlijk (vleselijk) erfdeel. ‘Want uit de werken der wet (datgene wat we kunnen doen) zal geen vlees gerechtvaardigd worden…’ (Galaten 2:16).

Vaak reduceren we die uitdrukking ‘werken der wet’ tot het doen van goede dingen, tot bepaalde ‘daden’ (bijvoorbeeld solidariteit met de derde wereld…). Maar het is veel meer dan dat. Je kan op verschillende vlakken komen tot hoogmoed en denken dat je redding verdient.
Eigenlijk kan je op ten minste drie vlakken tot hoogmoed verleid worden : op het vlak van daden (de goede dingen die je doet), het vlak van woorden (datgene waarin je gelooft, de geloofsregels), en het vlak van emoties (datgene wat je hebt ervaren of nog steeds ervaart).

Er zijn dus mensen (en helaas ook christenen) die menen dat ze ‘goed genoeg’ zijn door datgene wat ze doen voor het geloof en voor de naaste. Ze engageren zich voor de naaste (een heel schone zaak) maar om de verkeerde reden : ze voelen zich dan namelijk ‘goed’. Ze denken dat God hen wel zal liefhebben vanwege hun inzet… ik doe iets (ik help mijn naaste) en dus zal God mij liefhebben en redden… want ik ben beter dan een ander die die dingen niet doet.

Daarnaast zijn er heel wat mensen (christenen) die menen dat ze ‘goed genoeg’ zijn door datgene waarin ze geloven : het volgen van de juiste geloofsregels. Dat is iets waar heel wat ‘protestanten’ zich aan bezondigen. Ze menen dat hun redding afhangt van het kennen van de juiste geloofsregels. Daarom dat er zo graag ruzie gemaakt wordt binnen protestantse kerken over allerlei geloofs-details.
De ‘werken’ zijn dan het ‘kennen’ van de juiste regeltjes en daarvoor strijden… ik heb de juiste kennis (van de regeltjes) en dus zal God mij liefhebben en redden… want ik ben beter dan een ander die foute ideeën heeft.

En dan zijn er nog heel wat mensen (piëtistische christenen) die menen dat ze ‘goed genoeg’ zijn door datgene wat ze voelen, de emoties die ze ervaren : ze wenen van blijdschap op de juiste ogenblikken, wanneer ze bidden voelen ze zich zweven enz… Ik heb de juiste gevoelens en ervaringen, en dus zal God mij liefhebben en redden… want ik ben beter dan een ander die zulke gevoelens niet heeft. Als je een christen bent moet je namelijk zulke gevoelens hebben… denken ze.

Daden doen, kennis hebben, gevoelens ervaren… het zijn uiteindelijk allemaal ‘werken’, trots zijn op eigen prestaties die een ander niet heeft.

Begrijp me niet verkeerd : je moet als christen trachten goede dingen te doen, en de juiste kennis trachten te bereiken, en emoties en ervaringen zullen ongetwijfeld gebeuren in je leven als christen… maar al die dingen zijn niet de reden, de oorzaak van je redding, maar het gevolg (!!!) van je redding. En het is niet omdat je tekort schiet in die dingen (onvermijdelijk!) dat je moet gaan twijfelen aan je redding. Want redding hangt niet af van de ‘werken der wet’ (God zij dank).

‘Waar blijft het roemen dan? (Trots op eigen prestatie) Het is uitgesloten. Door welke wet? Der werken? Neen, maar door de wet van geloof.’
De eerste methode was die van de werken en we hebben mogen zien dat het onmogelijk is om hierdoor gered te worden want anders zouden we het zelf verdiend hebben. Daarom is er de tweede methode : die van ‘genade’!

Wie was de eerste mens die stierf en op welke manier raakte hij de hemel in? Abel! ‘Door het geloof heeft Abel aan God een beter offer gebracht dan Kaïn, hierdoor werd van hem getuigd, dat hij rechtvaardig was…’ (Hebr. 11:4).
Rechtvaardig door het ‘geloof’… niet door de goede werken die hij deed, of het kennen van de juiste geloofsregels, of het voelen van bepaalde emoties…

Rechtvaardig voor God door het ‘geloof’. En wat is dat ‘geloof’? Maar al te vaak verwarren we dit woordje met het kennen (van buiten leren) van bepaalde geloofsregels. Maar dat zit niet in het oorspronkelijke woordje (‘pisteuoo’) : het gaat om vertrouwen. Geloof is je vertrouwen stellen op een Ander. Niet op jezelf, op eigen kracht, eigen prestatie… Maar vetrouwen dat Hij ons lief heeft, zelfs al bak ik er niks van. Vertrouwen dat Hij doet voor ons wat wij zelf niet kunnen. Vertrouwen op de belofte dat Hij Zelf ons zal redden… (Jezus = Jozua = JHWH redt).

‘… en zij hebben hun gewaden gewassen en die wit gemaakt in het bloed van het Lam’ (Openb. 7:14). Er staat niet geschreven : ze hebben gezorgd dat het altijd wit bleef door nooit met vuiligheid in aanraking te komen… Nee! Maar : ‘wit gemaakt’ (dat is rechtvaardig geworden) in het ‘bloed van het Lam’ (dat is Zijn leven en sterven voor ons). Daarop vertrouwen : dat alles in orde gekomen is (verzoening!) tussen God en mens in het offer van het kruis.

En weet u, broeders en zusters, dit is ook de bron van alle hoop! Ons vertrouwen rust namelijk volledig op Hem. Als ik zou moeten vertrouwen op iets wat ik zelf moet doen… op eigen prestatie… dan zou ik nooit zeker kunnen zijn van m’n standing ten opzichte van God, want wie weet welke fouten ik nog allemaal zal maken in m’n leven? Mijn eigen prestatie is uiteindelijk… zo triest… Hoeveel fouten maak je niet in je leven. Waar loopt het niet allemaal scheef?…

Maar God zij dank heeft onze prestatie er niets mee te maken (let wel : er zullen vruchten zijn die voortkomen uit je geloof… maar die zijn het gevolg (!), niet de oorzaak van geloof).
De poort des levens die ons eigen ‘roemen’ volledig uitsluit is de enige weg naar onwankelbare hoop. Alles hangt af van Hem… Jezus Christus en die gekruisigd…
‘Want ik ben verzekerd, dat noch dood noch leven, noch engelen noch machten, noch heden noch toekomst, noch krachten, noch hoogte noch diepte, noch enig ander schepsel (dus wij ook niet!), ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, onze Here…’ (Rom 8:38v).


Voorbede.

Hemelse Vader,

Verlos ons van hoogmoed en trots,

het roemen op eigen prestatie…

Verlos ons van de eigenwaan dat we wel ‘goed genoeg’ zijn,

en dat we ‘uiteraard’ beter zijn dan een ander…

door de daden die we stellen

of door de woorden die we spreken,

de regeltjes waarin we geloven,

of de emoties die we ervaren…

Geen van die dingen maakt ons rechtvaardig in Uw ogen.

Het kan niet anders dan dat we falen in de werken der wet…

En daarom zijn we volledig afhankelijk van U, Vader.

Afhankelijk van Uw genade.

Schenk ons Uw genade!

En laat dit het fundament zijn van alle hoop.

Want wij mogen tot Uw belofte komen,

de belofte van het evangelie, de goede boodschap,

dat een ieder die tot U komt,

en zich afhankelijk weet van het offer van Golgotha,

dat U in onze plaats gebracht hebt,

dat elk één die ziet naar U,

rechtvaardig mag worden in Uw ogen.

Laat ons daarom nederig worden,

en leven in dienstbaarheid ten opzichte van de naaste.

Leer ons om volledig op U te vertrouwen,

en leer ons te begrijpen dat niets

ons kan scheiden van Uw liefde.

Amen.